De ouverture is een eendelig, kort muziekstuk dat oorspronkelijk werd gespeeld voor het doek werd opgehaald voor een opera of toneelstuk. Deze stukken waren soms zo populair dat ze ook in de concertzaal gespeeld werden. Later schreven componisten ook zelfstandige ouvertures als kleine orkestwerken. Dit zijn ‘concertouvertures’, omdat ze niet horen bij een opera of toneelstuk. In de romantiek gaf zo’n ouverture een bepaalde gemoedstoestand weer, vandaar dat ze vaak een passende titel meekreeg.